A jaar

Deze site is een tijdelijke oplossing om de preken van Marcel bereikbaar te maken. Klik op een link, om de desbetreffende preek te lezen. (Sorry, de opmaak van de preken is nog niet in orde.)
Indien u de preek op een klein scherm wil lezen, komt de preek niet naast, maar onder de reeks linken. U zal dus naar beneden moeten scrollen.

5e ZONDAG DOOR HET JAAR (A)  -  5 en 6 februari 2005

Jesaja, 58 : 7 -10.
Mattheüs 5, 13 -16.

Zusters en broeders,

Een medebroeder van mij is bezig de hele bijbel van voor naar achter te lezen.  Elke dag een paar hoofdstukken.  Hij hoopt daarmee in een jaar klaar te zijn.

Na een maand of zo voelde hij zich behoorlijk geschokt over wat hij in die bijbel allemaal tegen kwam.  Je leest in dat boek, of beter in die verzameling boeken, hoe mensen gevangen zitten in hun begeerte naar genot en naar macht, hoe ze worden voortgedreven door hun egoïsme, opgejaagd door hun jaloezie, hun domheid, hun agressie, hun wreedheid.

Zo zie je mensen doorheen heel de bijbel hun donkere wegen gaan.  Het begint bij Adam en Eva, die aan God gelijk willen zijn.  Ze worden gevolgd door Kaïn die zijn broer Abel vermoordt.  Dan zijn er de steden Sodom en Gomorrah, waar geen tien rechtvaardigen meer te vinden zijn.  En dan komt Noach er aan, de enige in zijn generatie - stel u voor: de enige - die aan God is trouw gebleven en die de zondvloed overleeft.

Zelfs bij de besten vindt ge nog een stuk duisternis.  Bij David bv, die in de bijbel een dienaar van God wordt genoemd. (Ezechiël 34:24)  Maar die wel de vrouw van een van zijn officieren inpalmt, en opdracht geeft er voor te zorgen dat die officier in de oorlog omkomt. (II Sam. 11 :2-27)  Zelfs bij de leerlingen van Jezus is er nog één van de twaalf die hem zal verraden.  Wanneer tijdens het laatste avondmaal Judas vertrekt om Jezus te gaan verklikken, tekent de evangelist Johannes daarbij aan "Het was nacht". (Joh.13:30)  En als Jezus wordt gevangen genomen zegt hij tot zijn vijanden: "Dit is uw uur en de macht van de duisternis". (Luc. 22:53)

Huub Oosterhuis, die zijn bijbel kent, heeft- ergens geschreven: "Vertel de bijbel, dat illusieloze boek, iets over mensen". (Zien soms even, p. 60)

Kijk, dit is de achtergrond die je nodig hebt om de lezingen van vandaag goed te verstaan.

In die lezingen wordt er gesproken over het licht, het licht dat in de wereld is.  Dat is op zichzelf nog niets bijzonders.  Over het licht spreekt de bijbel al van op zijn eerste bladzijde.

Maar, het is dan wel zo dat het licht hoort bij God.  God is het die daar zegt, "Het worde licht". (Gen. 1 :3)  God en het licht, ze horen bijeen.  God woont in het licht, staat er ergens geschreven. (I Tim. 6:16)  Er wordt zelfs gezegd: "God is licht". (I Joh. 1 :5)  Van dat licht, dat licht van God, wordt er verteld dat het ook in Jezus is.  "Ik ben het licht van de wereld" zegt Jezus van zichzelf in het evangelie volgens Johannes (Joh. 8: 12).

Dat die twee lezingen van vandaag spreken over het licht, dat is dus nog niets bijzonders.  Wat verwonderlijk is en bevreemdend, dat is dat het in die twee lezingen niet gaat over God, en niet over Jezus van Nazareth.  Het gaat daar over mensen.  Over u en over mij.  Over diezelfde mensen, van wie de bijbel tot in de details de broosheid en de duisternis heeft beschreven.  Tot die mensen, tot ons -wordt nu gezegd: "Gij zijt het licht, het licht van de wereld". (Matt. 5: 14)

Paulus die dat moet aangevoeld hebben heeft eens geschreven: "Wij dragen een schat in broze vaten". (II Kor. 4: 7)

Maar hoe dan ook, dit is de boodschap, die vervat is in de lezingen van vandaag: Dat mensen licht kunnen zijn, dat er licht in mensen is.

Ik ben me dan gaan afvragen: Is daar de dag van vandaag iets van te zien, dat mensen licht zijn?  Licht van de wereld?  Eventueel gebrekkig, ja, O.K., maar dan toch : licht?

Ik heb die vraag een paar weken met me meegedragen, en ik heb daar inderdaad een paar voorbeelden van gevonden.

Mijn eerste voorbeeld komt uit een reportage van de BBC.  In die reportage was een oude oorlogsverslaggever aan het woord.  Hij had de landing in Normandië, in 1944, meegemaakt.  Hij vertelde onder andere dat de Geallieerden daar destijds een hele reeks dorpen hadden gebombardeerd, ofschoon er daar geen Duitse soldaten meer aanwezig waren.  Die oude reporter herinnerde zich echter ook een geallieerde officier, een zekere Gordon, die het bevel had gekregen om zo'n dorp te beschieten.  Hij weigerde die opdracht uit te voeren.  Dat heeft hem naderhand twee jaar gevangenis gekost.  De oude reporter zei: "Of Gordon gelijk had weet ik niet.  Maar als je het mij vraagt: "Gordon was een moedig man"

Mensen kunnen een licht zijn.

Mijn tweede voorbeeld komt uit een bejaardenhuis.  Ik ben daar een oude missionaris gaan opzoeken.  Hij heeft in Indonesië gewerkt.  Ik heb hem vroeger maar één keer ontmoet.  Maar er is me iets van hem bijgebleven.  Het was in de periode vlak na het IIe Vatikaanse Concilie, en we gaven cursussen voor missionarissen op verlof, om hen de veranderingen die zich toen in de kerk voltrokken, uit te leggen.

Tussen die cursussen door kwam hij me opzoeken.  Hij kwam iets vragen.  Dat gebeurde wel meer.  Ze hadden ginder van alles tekort, van schoolborden tot filters om water te zuiveren, van kaarsen tot koffiemolens.  Maar van al die dingen vroeg hij niets.  Hij verteld over een jonge Indonesische priester, muzikaal zeer begaafd.  Voor zijn werk in de liturgie en de catechese had die man muziekpartituren nodig.  Maar hij kon daar niet aangeraken.  En of ik misschien daar iets voor kon doen.  Dat is geloof ik toen ook wel in orde gekomen.

Wat me van die man is bijgebleven is, dat hij niets vroeg voor zichzelf.  Hij vroeg iets voor een ander.  En die ander wist zelfs niet dat hij zich voor hem inzette.  Die missionaris had gewoon gemerkt wat die ander nodig had, en hij probeerde spontaan om hem te helpen.

Toen ik hem dat dertig jaar later vertelde, in dat bejaardenhuis, herinnerde hij zich dat niet meer.  Maar hij glimlachte, een beetje vertederd leek me, dankbaar omdat ik het onthouden had.  Hij is ondertussen gestorven, maar hij is voor mij een licht geweest.  Als ik nu, na deze verhalen, terugkeer naar de Bijbel, dan vind ik daar in verband met het licht nog twee dingen, waar ik deze homilie mee beëindigen wil.

Het eerste is dit: De bijbel zegt over het licht dat het een vader heeft.  God wordt de vader van het licht genoemd.  En mensen in wie dat licht aanwezig is, worden 'kinderen van het licht' genoemd. (Luc;16:8)  Ik vind die uitdrukking heel mooi.

En dan is er nog iets.  In verband met het licht staat er ook: "De duisternis heeft het licht niet overmeesterd". (Joh. 1 :5)

Precies de bijbel, dat illusieloze boek, is wat dit betreft ook optimistisch.  De toekomst behoort aan het licht.  (Openb. 21 :23-24 ; 22:5)

Er staat ons dus nog iets te wachten.  Wat het licht betreft: wij hebben nog iets te goed.  Amen.

 

Marcel Heyndrikx SVD

© Marcel Heyndrikx - Iedereen mag deze preken en teksten gebruiken mits ze vrij en gratis voor iedereen toegankelijk blijven.