C jaar

Deze site is een tijdelijke oplossing om de preken van Marcel bereikbaar te maken. Klik op een link, om de desbetreffende preek te lezen. Sorry, de opmaak van de preken is nog niet in orde.
Indien u de preek op een klein scherm wil lezen, komt de preek niet naast, maar onder de reeks linken. U zal dus naar beneden moeten scrollen.

31e ZONDAG DOOR HET JAAR ( C ). 3 en 4 november 2007.

Wijsheid 11: 22 - 12: 2.
Lucas 19: 1-10.

Zusters en broeders,

Zo heel precies weten we het niet maar het moet ongeveer 200 jaar voor Christus geweest zijn.  De man die het boek Prediker heeft geschreven was toen tot de volgende conclusie gekomen:  Alles heeft zijn uur.

Alle dingen onder de hemel hebben hun tijd .
Er is een tijd om te baren en een tijd om te sterven,
een tijd om te zaaien en een tijd om te oogsten. (...)
Een tijd om te huilen en een tijd om te lachen
een tijd om te rouwen en een tijd om te dansen (Prediker 3: 1-2 + 4).

Zo'n twee duizend jaar later lees ik bij de marxistische filosoof Ernst Bloch ongeveer hetzelfde.  Bloch schrijft: 'Het is niet zo dat alles op gelijk welk moment tot stand kan worden gebracht. De dingen hebben hun tijd'.
Romano Guardini, een schrijver van religieuze boeken, iemand die zo'n 50 jaar geleden erg populair was, heeft dat toegepast op de inhoud van het christelijk geloof.  Hij zegt: 'Met de geloofswaarheden is het zoals met de bloemen.  Die bloeien ook niet allemaal tegelijk'.  Om maar iets te noemen: de sneeuwklokjes en de dahlia's bloeien niet in dezelfde periode.  Die hebben elk hun eigen tijd.
Zo is dat ook met de geloofswaarheden, zegt Guardini.  Die zijn nooit helemaal weg, maar ze komen niet allemaal tegelijk naar voren.  Er zijn er in elke periode van de geschiedenis die juist dan bijzonder actueel zijn.  Die, precies in die tijd, aandacht vragen, beroep doen op mensen om te worden in de praktijk gebracht.
'So far so good',
zouden de Engelstaligen zeggen.  Tot zover is het allemaal wel in orde.  Maar hoe weet je nu welke geloofswaarheden of welke opgaven juist in deze tijd naar voren komen, juist nu beroep op ons doen?  Waar kun je dat aan zien ?
Het lIe Vatikaans Concilie (1962-1965) zei dat er daarvoor aanwijzingen zijn, tekenen, tekenen van de tijd.  In een bepaalde periode van de geschiedenis doen er zich namelijk nieuwe ontwikkelingen voor.  Denk bv maar aan de ontvoogding van de arbeiders in de 19e eeuw.  Of aan de emancipatie van de vrouw in de 20e eeuw.  Wanneer je die ontwikkelingen nu bekijkt, zie je dat die eigenschappen van de tijd een kans inhouden, een mogelijkheid, om een bepaald aspect van de geloofsinhoud in de praktijk te brengen op een manier zoals dat van te voren nog nooit mogelijk is geweest.
Een kenmerk van onze tijd is bv de globalisering.  Globaal wil zeggen, in dit verband: alles omvattend.  De wereld waarin wij leven is een eenheid aan het worden.  Door de ontwikkeling van de wetenschap, de techniek, de communicatiemiddelen, zijn wij van dorps- of stadsbewoners wereldbewoners geworden.  De hele wereld komt langs alle kanten bij ons binnen.
Door de satellietverbindingen kun je net zo goed naar New Vork bellen als naar Antwerpen.  Wat er aan de andere kant van de wereld vandaag gebeurt,  zie je, als dat belangrijk is, vanavond nog op de TV.  De wereld is één aan het worden.
Je merkt dat ook aan dingen uit het gewone leven.  Zo zie je bv dat de spanningen op de grens tussen Irak en Turkije de prijs die wij voor onze benzine betalen omhoog jaagt.  En een crisis met betrekking tot de hypotheekrente in Amerika beïnvloedt de beurzen zowel in Tokio als in Brussel  De hele wereld hangt aan elkaar, is bezig steeds meer één geheel te worden.  Dat is globalisering.  Dat is nieuw, dat is nog nooit eerder het geval geweest.  Het is een eigenschap van deze tijd.  Als je je afvraagt: Wat heeft dat nu te maken met het christelijk geloof? -dan zie je dat die globalisering aan een bepaalde inhoud van dit geloof een kans biedt om gerealiseerd te worden, zoals dat tot nu toe nog nooit mogelijk is geweest.
Het aspect van het geloof waar het hier om gaat, en dat precies in deze tijd gerealiseerd kan worden komt juist in de liturgie van vandaag naar voren.  In de lezingen wordt er gezegd dat de liefde van God ook een globaal, een allesomvattend karakter heeft.  Die liefde van God, zegt de eerste lezing, strekt zich uit tot alle mensen, zelfs tot al zijn schepselen.  God wordt genoemd: Hij die liefheeft al wat leeft.  In het evangelie zie je dat concreet toegepast: Jezus heeft zelfs mensen lief zoals Zacheüs: ook dat soort mensen, de profiteurs, de collaborateurs, de mensen die met de nek worden aangekeken -ook die laat God niet vallen.  Dat wordt door Jezus van Nazareth duidelijk gemaakt.
Die universele liefde van God - die krijgt nu een kans om door ons in de praktijk te worden gebracht.  Precies omdat onze wereld één groot dorp is geworden.
Wij kunnen bv pleiten voor kwijtschelding van schulden voor de armste landen.  Wij kunnen bewegingen steunen als die van Artsen zonder Grenzen, van Amnestie international of van Fair Trade een beweging die zich inzet voor een rechtvaardige wereldhandel.  Wij kunnen mensen helpen die in Haïti, in Conga of in Guatemala werkzaam zijn.  En wij zouden er misschien ook eens kunnen voor ijveren, dat er nu eens eindelijk werk zou worden gemaakt van die 0,7 % van het bruto nationaal product, waarvan wij al ruim dertig jaar zeggen dat we dat bedrag aan ontwikkelingssamenwerking willen afdragen.  Tot nu toe heeft elke regering dat wel gezegd, maar er is er nog geen één geweest die het daadwerkelijk ook heeft gedaan.
Haalt het allemaal wel iets uit?  Blijft het niet beperkt tot die bekende ene druppel, terwijl er stortregens nodig zijn?  Zo kun je dat inderdaad bekijken.  Er zijn inderdaad uiteindelijk andere dingen, structurele veranderingen nodig.
Maar je kunt dat ook heel anders zien.
Niet alleen omdat die ene druppel dan toch voor die ene mens of eventueel voor die paar mensen die hij bereikt zo belangrijk is.
Niet alleen omdat het altijd beter is al was het maar één kaarsje aan te steken dan op het duister te blijven vloeken.
Maar er is nog heel iets anders.  Die kleine daden, die haast symbolische gebaren sorteren hun effect op onszelf, op ons die deze daden stellen.  Ze maken dat wij de tekenen van de tijd niet uit het oog verliezen.  Ze verhinderen dat wij die globale wereld zouden vergeten.  Dat wij de nood niet zouden zien, zoals de rijke man uit de parabel die de arme Lazarus wellicht niet eens had gezien. (Lucas 16: 19 -22)
Een zorgende mens, een gevende mens, kan groeien aan het geven zelf, als dat met inzicht en van harte wordt gedaan.
Hij of zij groeit dan naar Hem of haar toe van wie er is gezegd dat Hij liefheeft al wat leeft.  Hij wordt dan -zo broos en gebrekkig als hij is - beeld en gelijkenis van hem die leeft en liefde is.
Tekenen van de tijd, ze wijzen nu die kant uit.  Amen.

 Marcel Heyndrikx SVD

© Marcel Heyndrikx - Iedereen mag deze preken en teksten gebruiken mits ze vrij en gratis voor iedereen toegankelijk blijven.